Citaat | Gerechtshof Den Haag 28 januari 2016
Alinea 34 Gerechtshof Den Haag 28 januari 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 28 januari 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:164.
In dit verband is voorts van belang dat de verdachte zich in het onderzoek geruime tijd op haar zwijgrecht heeft beroepen en na overleg met haar opvolgende en huidige raadsman haar proceshouding herziet en een verklaring wenst af te leggen. Tijdens die verklaring verklaart de verdachte dan onder meer dat zij bepaalde delen van hetgeen haar wordt verweten niet meer kan herinneren. Het valt het hof op dat dit nu juist de relevante en voor haar mede belastende delen van de tenlastegelegde doodslag zijn en die herinnering er wel weer is voor al hetgeen daarna die avond is geschied waaronder het overigens niet aan de verdachte tenlastegelegde wegmaken van het lichaam van het slachtoffer.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c52211296c5ab229302c9f51f783a0250dc73e1b00c4790b55a80fb4f855247b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c52211296c5ab229302c9f51f783a0250dc73e1b00c4790b55a80fb4f855247b, en de alinea staat in dat document op bytes 10598 tot 11302.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c52211296c5ab229302c9f51f783a0250dc73e1b00c4790b55a80fb4f855247b | shasum -a 256