Citaat | Gerechtshof Den Haag 24 mei 2016
Onder 7.5.2 Gerechtshof Den Haag 24 mei 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 24 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1853.
[appellant] heeft als getuige verklaard dat hij op diverse momenten in februari – begin maart 1998 opdracht heeft gegeven tot het tegensluiten van lopende US$ / CAN$ contracten in de grootte van US$ 12,5 miljoen, maar dat hij zich de tijdstippen niet meer precies herinnert. Het standaardantwoord van [S] was, aldus [appellant], dat hij niet mocht handelen van de Bank. [S] heeft als getuige hierover in feite niet meer verklaard dan dat hij aanneemt dat de stelling dat [appellant] opdracht heeft gegeven juist is. Ook deze verklaring is onvoldoende om samen met de verklaring van [appellant] bewezen te achten dat de opdracht is gegeven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98ea95d584b3a937db1fc34710bb379f193b7f77c51791e3e3670074622da488. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98ea95d584b3a937db1fc34710bb379f193b7f77c51791e3e3670074622da488, en de alinea staat in dat document op bytes 35813 tot 36482.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98ea95d584b3a937db1fc34710bb379f193b7f77c51791e3e3670074622da488 | shasum -a 256