Citaat | Gerechtshof Den Haag 5 juli 2016

Onder 5.4 Gerechtshof Den Haag 5 juli 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 5 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:1950.

Het betoog van [appellanten] stuit af op het andersluidende oordeel van het EHRM in de zaak [appellant] (hiervoor geciteerd) in § 42. Het EHRM overwoog dat zelfs indien zou moeten worden aangenomen dat verhuurders met een lopende huurovereenkomst en verhuurders die een nieuwe huurovereenkomst afsluiten zich in een relevante gelijke situatie bevinden, het verschil in behandeling gerechtvaardigd wordt door het belang van de bescherming van de huurder. Het hof neemt dit oordeel over, ook in het licht van de fair balance die naar het oordeel van het hof ten aanzien van art. 1 EP is bereikt. Het hof merkt daarbij nog op dat het in het recht veelvuldig voorkomt dat, uit een oogpunt van rechtszekerheid, bestaande situaties anders worden behandeld dan nieuwe gevallen. Ook dit rechtvaardigt het gemaakte onderscheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41544cd97f2cce984df0e9a055b34b1c6d789f93c1bad4691070c45fc1d528a3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41544cd97f2cce984df0e9a055b34b1c6d789f93c1bad4691070c45fc1d528a3, en de alinea staat in dat document op bytes 68945 tot 69812.