Citaat | Gerechtshof Den Haag 31 mei 2016
Alinea 72 Gerechtshof Den Haag 31 mei 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 31 mei 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2110.
3. De rechtbank stelt voorop dat het bij de woning gaat om een zelfstandig WOZ-object. [Belanghebbende] stelt weliswaar dat “de vergunningverlener” (welke is de rechtbank niet duidelijk) uitdrukkelijk heeft bepaald dat van [B] geen aparte woning mag worden gemaakt, dat zich tussen [A] en [L] een inpandige verbindingsdeur bevindt en dat [A] en [B] niet los van elkaar verkocht kunnen worden, echter zij licht dit niet toe, terwijl [de Heffingsambtenaar] ter zitting – onbestreden – heeft verklaard dat [A] en [B] ieder afzonderlijk beschikken over een kook-, was- en toiletvoorziening en dat zij ieder voor zich afsluitbaar zijn. Daarmee kan onbesproken blijven hetgeen [belanghebbende] bij repliek heeft betoogd, dat de waarde in het economisch verkeer dient te worden bepaald door [A] en [B] als geheel te waarderen en dat die waarde daarna moet worden toegerekend aan beide afzonderlijke WOZ-objecten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72fffbdfdbb3c62560622d10eeab35a4605c17cac1c96a2f07ae5bc2ce44b05d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72fffbdfdbb3c62560622d10eeab35a4605c17cac1c96a2f07ae5bc2ce44b05d, en de alinea staat in dat document op bytes 19675 tot 20601.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/72fffbdfdbb3c62560622d10eeab35a4605c17cac1c96a2f07ae5bc2ce44b05d | shasum -a 256