Citaat | Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016
Alinea 39 Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2137.
8. Berusting in een rechterlijke uitspraak is het te kennen geven aan de wederpartij van de wil om zich bij die uitspraak neer te leggen en aldus afstand te doen van het recht om daartegen een rechtsmiddel in te stellen. Van berusting kan slechts sprake zijn indien de in het ongelijk gestelde partij na de uitspraak jegens de wederpartij heeft verklaard dat zij zich bij de uitspraak neerlegt of een houding heeft aangenomen waaruit dit in het licht van de omstandigheden van het geval ondubbelzinnig blijkt. Indien de wederpartij van de in het ongelijk gestelde partij uit diens uitingen heeft afgeleid en in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs heeft mogen afleiden dat deze op ondubbelzinnige wijze haar wil om in het vonnis te berusten tot uitdrukking heeft gebracht, kan jegens die wederpartij op het ontbreken van die wil geen beroep worden gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5950808fdc4b2ab58b26552ce30f1a3f55d142bc964bc3595452f9c527e76cb6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5950808fdc4b2ab58b26552ce30f1a3f55d142bc964bc3595452f9c527e76cb6, en de alinea staat in dat document op bytes 13003 tot 13876.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5950808fdc4b2ab58b26552ce30f1a3f55d142bc964bc3595452f9c527e76cb6 | shasum -a 256