Citaat | Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016
Alinea 51 Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2137.
20. In de derde plaats verklaarde de getuige [X] , gevraagd naar het moment waarop de heer [Y] hem telefonisch meedeelde in hoger beroep te gaan, in eerste instantie met stelligheid dat dit rond 8 april 2016 is geweest, dan wel in ieder geval enkele weken na het vonnis. Geconfronteerd met een eigen WhatsApp-bericht van 25 maart 2016 ( “Matig nieuws, ze gaan toch in hoger beroep” ) moest hij daarop echter terugkomen. Het hof tekent daarbij aan dat de getuige op 7 juli 2016 is gehoord, dus het gaat niet om gebeurtenissen in een ver verleden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5950808fdc4b2ab58b26552ce30f1a3f55d142bc964bc3595452f9c527e76cb6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5950808fdc4b2ab58b26552ce30f1a3f55d142bc964bc3595452f9c527e76cb6, en de alinea staat in dat document op bytes 17811 tot 18406.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5950808fdc4b2ab58b26552ce30f1a3f55d142bc964bc3595452f9c527e76cb6 | shasum -a 256