Citaat | Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016
Onder 2.16 Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2143.
23. De Stichting heeft voor wat betreft de rol van [makelaar] subsidiair het volgende aangevoerd. [geïntimeerde 1] c.s. hebben zelf gesteld dat [erflater] hen heeft bericht dat [makelaar] was opgedragen om de papieren voor de verkoop van de woning in orde te maken. Gelet daarop is het onbegrijpelijk dat [geïntimeerde 1] c.s. vervolgens buiten [makelaar] om met [erflater] naar een notaris zijn gegaan en daar op 20 augustus 2009 de koopovereenkomst hebben getekend. [makelaar] is niet in kennis gesteld van de aanstaande ondertekening en de koopovereenkomst is ook niet in concept aan [makelaar] gezonden voorafgaand aan de ondertekening. Deze gang van zaken bewijst volgens de Stichting dat [geïntimeerde 1] c.s. op slinkse wijze [erflater] hebben bewogen om zijn handtekening onder koopovereenkomst te plaatsen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d45a2ecbb935b7c5771f332a72fd4e518af1cb0d17e9d184b46cd8047d2d5f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d45a2ecbb935b7c5771f332a72fd4e518af1cb0d17e9d184b46cd8047d2d5f0, en de alinea staat in dat document op bytes 26043 tot 26874.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8d45a2ecbb935b7c5771f332a72fd4e518af1cb0d17e9d184b46cd8047d2d5f0 | shasum -a 256