Citaat | Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016

Onder 2.16 Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2143.

30. [geïntimeerde 1] c.s. hebben van hun kant verder nog aangevoerd dat, ook al zou worden aangenomen dat ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst sprake was van bijzondere omstandigheden (de vermeende slechte geestelijke gesteldheid van [erflater] ), dan geen sprake is van het voor misbruik van omstandigheden vereiste causale verband tussen die bijzondere omstandigheden en de totstandkoming van de koopovereenkomst. [erflater] heeft al in 1999, toen [geïntimeerde 1] de woning ging huren, laten weten dat [geïntimeerde 1] het huisje te zijner tijd zou mogen kopen voor een redelijk bedrag. Ter onderbouwing hebben [geïntimeerde 1] c.s. gewezen op de pleitnotitie die de advocaat van [erflater] in 1999 heeft opgesteld in de procedure tegen de voorgaande huurders van de woning. Deze pleitnotitie vermeldt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d45a2ecbb935b7c5771f332a72fd4e518af1cb0d17e9d184b46cd8047d2d5f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d45a2ecbb935b7c5771f332a72fd4e518af1cb0d17e9d184b46cd8047d2d5f0, en de alinea staat in dat document op bytes 35108 tot 35944.