Citaat | Gerechtshof Den Haag 20 juli 2016

Alinea 34 Gerechtshof Den Haag 20 juli 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 20 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2165.

“5. De rechtbank wijst eisers verzoek om schadevergoeding, wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: het EVRM) toe. Gelet op de uitgangspunten die zijn neergelegd in HR 22 april 2005, nr. 37.984 -ECLI:NL:HR:2005:A09006, geldt dat behoudens bijzondere omstandigheden die hier niet aan de orde zijn, de berechting van een zaak door de rechtbank niet binnen een redelijke termijn geschiedt indien de rechtbank niet binnen twee jaar nadat de termijn is aangevangen, uitspraak doet. waarbij de behandeling van het bezwaar ten hoogste een halfjaar en de behandeling van het beroep ten hoogste anderhalfjaar mag duren. De termijn vangt in beginsel aan op het moment dat verweerder het bezwaarschrift ontvangt. De rechtbank stelt vast dat verweerder eisers bezwaarschrift heeft ontvangen op 27 februari 2013, terwijl de onderhavige uitspraak wordt gedaan op 21 oktober 2015 derhalve 7 maanden en drie weken nadat bezwaar is gemaakt. De redelijke termijn is derhalve met 7 maanden en drie weken overschreden. Uitgaande van een tarief van € 500,- per halfjaar dat de redelijke termijn is overschreden, waarbij het totaal van de overschrijding naar boven wordt afgerond, zal de rechtbank verweerder daarom veroordelen tot een bedrag van € 1.000,- aan eiser als vergoeding van de door hem geleden immateriële schade.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/962ae21d6d8de936cd7570f491d26d62d2b8859bed3dec1b79765452088d0cdc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 962ae21d6d8de936cd7570f491d26d62d2b8859bed3dec1b79765452088d0cdc, en de alinea staat in dat document op bytes 12656 tot 14116.