Citaat | Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016

Onder 5.33. Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 19 juli 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2225.

Organik heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de deurwaarder bij het leggen van het beslag geen onderscheid heeft gemaakt tussen mogelijk relevante en niet-relevante gegevens. Organik stelt dat er geen enkele selectie is gemaakt en baseert dat op de omvang van de in beslag genomen informatie, een rapport van haar IT-deskundige (productie 21 van Organik) en op verklaringen van haar medewerkers die zeggen niet te hebben geconstateerd dat er een selectie is gemaakt. In een door Dow in het geding gebrachte verklaring stelt de deurwaarder echter uitdrukkelijk dat hij wel een onderscheid heeft gemaakt (productie 40 van Dow). Bovendien vermeldt het proces-verbaal van de beslaglegging dat beslag is gelegd op ‘mogelijk relevante onderdelen’ uit de papieren administratie en ‘mogelijk relevante digitale bestanden’ (productie 16 van Dow). Daarom moet ervan uit worden gegaan dat er minste enige selectie heeft plaatsgevonden. In het licht daarvan en gelet op de hiervoor genoemde belangenafweging, kan het gestelde gebrek aan selectie – en het daarop gebaseerde betoog over de schending van de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit – niet leiden tot opheffing van het beslag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09f11c8371d1fb077aa567fd63e21d3b1d8f11d4a7d314173385889ecce9efc0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09f11c8371d1fb077aa567fd63e21d3b1d8f11d4a7d314173385889ecce9efc0, en de alinea staat in dat document op bytes 152144 tot 153395.