Citaat | Gerechtshof Den Haag 16 februari 2016
Onder 1.9. Gerechtshof Den Haag 16 februari 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 16 februari 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2417.
Bij vonnis van 17 maart 2014 heeft de kantonrechter de oorspronkelijke vordering van [opposant] toegewezen en is [geopposeerde] niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering in (voorwaardelijke) reconventie die erop gericht was ingevolge art. 7:268 lid 2 BW de huurovereenkomst te mogen voortzetten. Zakelijk weergegeven heeft de kantonrechter geoordeeld dat [geopposeerde] niet al vóór de overdracht van de woning aan [opposant] de hoofdhuurder is geworden op grond van een mondelinge afspraak met [voormalige eigenaresse], dat hij ook geen huurder is geworden op grond van gewoonterecht dan wel gerechtvaardigd vertrouwen en tot slot, dat hij evenmin als medehuurder ex artikel 7:268 lid 2 BW kan worden beschouwd. Naar het oordeel van de kantonrechter verblijft [geopposeerde] daarom zonder recht of titel in de woning.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/41f940da0da882ac952fd942e0c57be6986dd9bf8b65266a5d6777fa59cd609b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 41f940da0da882ac952fd942e0c57be6986dd9bf8b65266a5d6777fa59cd609b, en de alinea staat in dat document op bytes 10830 tot 11667.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/41f940da0da882ac952fd942e0c57be6986dd9bf8b65266a5d6777fa59cd609b | shasum -a 256