Citaat | Gerechtshof Den Haag 30 augustus 2016
Onder 4.8. Gerechtshof Den Haag 30 augustus 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 30 augustus 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2510.
21) Het hof overweegt als volgt. Indien sprake is van (deels) toekomstige schade, zoals in dit geval bij [appellant], kan de rechter de schade begroten op een gekapitaliseerd bedrag ineens. In een dergelijk geval moet de schade geacht worden te zijn geleden op de bij de kapitalisatie tot uitgangspunt genomen peildatum. Deze wijze van schadebegroting strekt ertoe de benadeelde ter vergoeding van zijn schade een zodanig bedrag ineens toe te kennen dat dat, hem op de peildatum uitbetaalde, bedrag inclusief het daarover na de peildatum te realiseren rendement, toereikend zal zijn voor de betaling van alle toekomstige schadeposten. Indien dit bedrag eerst na de peildatum aan de benadeelde wordt uitgekeerd lijdt hij dus, door gemis aan rendement, nadeel dat door betaling van wettelijke rente behoort te worden vergoed. In het onderhavige geval staat vast dat Allianz op 7 mei 2010 een slotuitkering aan [appellant] heeft gedaan, waarmee zij kennelijk heeft beoogd om de volledige door [appellant] geleden en nog te lijden schade (binnen de door Allianz gehanteerde aansprakelijkheidslimiet van € 137.000,-) te vergoeden. Naar het oordeel van het hof is het in het licht van deze slotuitkering redelijk om als peildatum voor de begroting van de door [appellant] geleden en nog te lijden schade uit te gaan van 7 mei 2010. Dit betekent dat het hof de wijze van berekening van de wettelijke rente door [appellant] volgt. Nu het hof de aansprakelijkheidslimiet in deze zaak naar billijkheid heeft begroot op € 198.787,-, terwijl de door [appellant] bij memorie van grieven overgelegde berekeningen uitgaan – naar het hof begrijpt – van een (hogere) aansprakelijkheidslimiet van € 220.000,- respectievelijk € 215.000,-, concludeert het hof dat de wettelijke rente kan worden toegewezen tot het door Allianz meer subsidiair erkende bedrag van € 19.375,34, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2014. [appellant] kan geen rechten ontlenen aan het ter comparitie van 14 maart 2014 voorlopig becijferde bedrag aan wettelijke rente van € 24.000,-.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb9e2a9539cabfb16acee377f09659696a690471e5a129fa1e5cdf66e9e78fb5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb9e2a9539cabfb16acee377f09659696a690471e5a129fa1e5cdf66e9e78fb5, en de alinea staat in dat document op bytes 30841 tot 32930.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb9e2a9539cabfb16acee377f09659696a690471e5a129fa1e5cdf66e9e78fb5 | shasum -a 256