Citaat | Gerechtshof Den Haag 15 september 2016

Alinea 576 Gerechtshof Den Haag 15 september 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 15 september 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2681.

Het hof heeft geconstateerd dat sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn, in verschillende opzichten. In de eerste plaats is het strafdossier eerst acht maanden na het namens verdachte op 23 april 2014 ingestelde hoger beroep, ter griffie van het hof binnengekomen. In de tweede plaats heeft in eerste aanleg noch in hoger beroep berechting plaatsgevonden binnen de termijn van 16 maanden. De berechting in eerste aanleg heeft immers bijna 18 maanden geduurd en de berechting in hoger beroep heeft plaatsgevonden in ruim 21 maanden. Het hof merkt hierbij op dat de verdachte in eerste aanleg is geschorst op 11 juli 2012 welke schorsing is opgeheven op 1 november 2013, nu de verdachte – in strijd met de schorsende voorwaarden - het land had verlaten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efd2c7e19fe2e80f189bc4038348d7e8e6f507dd4d636315178eb9b1836fd265. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efd2c7e19fe2e80f189bc4038348d7e8e6f507dd4d636315178eb9b1836fd265, en de alinea staat in dat document op bytes 166338 tot 167123.