Citaat | Gerechtshof Den Haag 9 februari 2016
Alinea 37 Gerechtshof Den Haag 9 februari 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 9 februari 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:280.
2. De Italiaanse vennootschap Becchetti Energy Group S.p.a. (hierna: BEG) is in februari 2000 een samenwerkingsovereenkomst aangegaan met EnelPower, een op 27 april 1999 opgerichte dochtervennootschap van Enel. Het beoogde doel van de samenwerking was de realisatie van een waterkrachtcentrale nabij Kalivaç in Albanië. De samenwerkingsovereenkomst voorzag in de oprichting van een zogenaamd ‘special purpose vehicle’ (SPV) met BEG en EnelPower als aandeelhouders voor respectievelijk 51 en 49%. Deze SPV zou de waterkrachtcentrale feitelijk gaan exploiteren. De door de waterkrachtcentrale opgewekte elektriciteit en de bijbehorende groencertificaten zouden door de SPV op exclusieve basis worden verkocht aan Enel, die op haar beurt de - via een onderzeese elektriciteitskabel naar het Italiaanse elektriciteitsnetwerk te transporteren - elektriciteit in Italië zou verhandelen. Art. 9 van de overeenkomst, met (vertaald) als aanhef ‘ Withdrawal ’, gaf beide contractspartijen de vrijheid om een negatieve dan wel positieve investeringsbeslissing te nemen - ‘ Each party is free to make a final investment decision [..] that is positive or negative. If a negative decision is made by one of the parties, all the costs borne by such party will continue to be for its account [..] ’. EnelPower heeft zich in het najaar van 2000 teruggetrokken uit het project, waarop BEG haar heeft aangesproken voor de beweerdelijk daardoor geleden schade, onder meer bestaande uit het verlies van de door de Albanese overheid verleende concessie. Omdat EnelPower iedere aansprakelijkheid van de hand wees, heeft BEG op 23 november 2000 - conform het arbitraal beding in de samenwerkingsovereenkomst - een arbitrageprocedure tegen haar aanhangig gemaakt bij de Arbitrage Kamer van de Kamer van Koophandel te Rome. Bij beslissing van 25 november 2002 heeft dit arbitrale college BEG’s vordering als zijnde ongegrond afgewezen. De uitspraak is door slechts twee van de drie arbiters ondertekend (6 december 2002); de derde, op voordracht van BEG benoemde arbiter heeft niet getekend. BEG heeft de rechtbank te Rome verzocht om wraking van één van de arbiters (de op voordracht van Enel benoemde prof. x, een oud-bestuurslid van Enel), doch in dat verzoek is zij bij vonnis van 20 februari 2003 niet-ontvankelijk verklaard. Daarop heeft BEG vernietiging van het arbitrale vonnis gevorderd. Op die vordering is door het Hof van Beroep te Rome afwijzend beslist (9 maart 2009), terwijl ook het door BEG tegen die afwijzing gerichte cassatieberoep door het Italiaanse Corte Suprema di Cassazione is verworpen (20 oktober 2010). In de tussentijd (mei 2004) had AlbaniaBEG (ook wel: ABA) - zijnde een door BEG in maart 2000 opgerichte dochtervennootschap - bij de Albanese overheidsrechter een procedure aanhangig gemaakt tegen Enel c.s. Stellende dat zij het in de samenwerkingsovereenkomst voorziene SPV was, vorderde AlbaniaBEG vergoeding van de beweerdelijk door haar als gevolg van het afhaken van Enel c.s. geleden buitencontractuele schade. De rechtbank te Tirana (Albanië) heeft deze vordering bij vonnis van 24 maart 2009 toegewezen. De beslissing - met daarbij een dissenting opinion van één van de rechters - houdt (vertaald) o.m. in:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb150eb66ac4b67795cc5d4645a5a23cbb0d85c5a80ee857534b5a262a72ae44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb150eb66ac4b67795cc5d4645a5a23cbb0d85c5a80ee857534b5a262a72ae44, en de alinea staat in dat document op bytes 11297 tot 14622.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb150eb66ac4b67795cc5d4645a5a23cbb0d85c5a80ee857534b5a262a72ae44 | shasum -a 256