Citaat | Gerechtshof Den Haag 9 februari 2016
Onder 10.5 Gerechtshof Den Haag 9 februari 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 9 februari 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:280.
12. Bij de bespreking van deze grieven wordt vooropgesteld dat, nu de conservatoire beslaglegging in het kader van een procedure ex art. 431 lid 2 Rv is gekoppeld aan een verlofverlening als bedoeld in art. 700 Rv, degene die dit verlof ex parte verzoekt gehouden is om de daarbij van belang zijnde feiten volledig en naar waarheid aan te voeren (art. 21 Rv). De Beslagsyllabus merkt hierover terecht op dat een beslagrekest melding moet maken van alle in Nederland en/of in het buitenland lopende, doorlopen of beëindigde procedures die relevant zijn voor een goede beoordeling van de zaak, waaronder mede begrepen eerder ingediende beslagrekesten. Aan het niet-naleven van deze ‘waarheidsplicht’ kan de rechter de gevolgtrekking verbinden die hij geraden acht (art. 21 Rv). De Beslagsyllabus waarschuwt er in dat verband voor dat misleiding door onvoldoende toelichting aanleiding kan geven om een latere vordering tot opheffing reeds om die reden toe te wijzen. Uiteraard zijn ook minder vergaande sancties denkbaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eb150eb66ac4b67795cc5d4645a5a23cbb0d85c5a80ee857534b5a262a72ae44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eb150eb66ac4b67795cc5d4645a5a23cbb0d85c5a80ee857534b5a262a72ae44, en de alinea staat in dat document op bytes 44781 tot 45883.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eb150eb66ac4b67795cc5d4645a5a23cbb0d85c5a80ee857534b5a262a72ae44 | shasum -a 256