Citaat | Gerechtshof Den Haag 21 september 2016

Onder 6.8.2. Gerechtshof Den Haag 21 september 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 21 september 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2800.

Belanghebbenden hebben niet aannemelijk gemaakt dat de ligging van de woning slechter is dan die van de vergelijkingsobjecten. De woning en de vergelijkingsobjecten liggen, naar de Heffingsambtenaar onbestreden heeft gesteld, alle in de oude kern van [Z] . Dat de woning wegens de ligging slechter verkoopbaar is dan de vergelijkingsobjecten is niet aannemelijk geworden. Voorts blijkt uit de tot het taxatierapport behorende foto van de woning en de plattegrond dat de woning een achterom heeft met ontsluiting naar de openbare weg. Dit is eveneens het geval bij het vergelijkingsobject [H] . De ligging van dit laatste object is echter aangemerkt als matig omdat dit object hinder heeft van het achtergelegen bedrijf. De ligging van het vergelijkingsobject [F] is aangemerkt als matig omdat het een tussenwoning zonder achterom betreft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/735435496b350b0e31de00fbaf8b2d3781a739c918f818a80cd8eabd801ea4d2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 735435496b350b0e31de00fbaf8b2d3781a739c918f818a80cd8eabd801ea4d2, en de alinea staat in dat document op bytes 31165 tot 32017.