Citaat | Gerechtshof Den Haag 11 oktober 2016

Alinea 40 Gerechtshof Den Haag 11 oktober 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 11 oktober 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:2971.

Opmerking verdient dat – mede gelet op hetgeen onder 3.3 is overwogen – ook wanneer ten tijde van het opleggen van een levenslange gevangenisstraf de procedure van herbeoordeling voldoet aan de daaraan te stellen voorwaarden, tijdens de tenuitvoerlegging de vraag kan rijzen hoe deze zich verhoudt tot de uit art. 3 EVRM voortvloeiende eisen. Zo moet de mogelijkheid van herbeoordeling tijdens de tenuitvoerlegging aan vorenbedoelde voorwaarden blijven voldoen en moet de veroordeelde zich tijdens de tenuitvoerlegging – en ook voordat de vorengenoemde mogelijkheid tot herbeoordeling kan worden benut – kunnen voorbereiden op een eventuele terugkeer in de samenleving. De toetsing van de wijze van tenuitvoerlegging zal tijdens de executie dienen plaats te vinden, waarbij de rechtmatigheid van de (verdere) tenuitvoerlegging van die straf kan worden beoordeeld overeenkomstig het daartoe bepaalde in de Penitentiaire beginselenwet, dan wel in het kader van een civielrechtelijke procedure.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a65225c596ae0adfc75ed3058a37b46fb63b41d3f35e3e8d188d30da3043f364. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a65225c596ae0adfc75ed3058a37b46fb63b41d3f35e3e8d188d30da3043f364, en de alinea staat in dat document op bytes 26294 tot 27520.