Citaat | Gerechtshof Den Haag 27 september 2016
Onder 4.7 Gerechtshof Den Haag 27 september 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 27 september 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:3334.
Invalshoek A kan TMG niet baten omdat de vraag of sprake is van onrechtmatig handelen van de Staat door de onpersoonlijke geschriftenbescherming te handhaven na de inwerkingtreding van de DRl, een juridische beoordeling betreft van de reeds bij TMG bekende feiten en voor het gaan lopen van de korte verjaringstermijn bekendheid met de juridische beoordeling niet is vereist (zie rov. 4.3). Dat dit ook geldt wanneer, zoals in dit geval, Unierecht aan de orde is wordt onderstreept in het door de Staat genoemde arrest van de HR van 5 januari 2007 inzake ‘ Bijenkorf/Boersma ’ (NJ 2007, 320, ECLI:NL:HR:2007:AY8771) waarin is geoordeeld dat het gerechtshof deze regel had miskend door voor de aanvang van de verjaring beslissend te achten het tijdstip waarop de benadeelde op de hoogte was van de strijdigheid van de regeling in kwestie met het EG-Verdrag. Naar aanleiding van de recente rechtspraak van de HR waarin is benadrukt dat bij de bepaling van het aanvangstijdstip van de korte verjaringstermijn moet worden gekeken naar ‘alle ter zake dienende omstandigheden’, wordt hierbij nog opgemerkt dat uit het onder 4.6 overwogene voortvloeit dat het voor TMG in 1998-2000 niet onverwacht kan zijn geweest dat de onpersoonlijke geschriftenbescherming later als strijdig met de DRl is aangemerkt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b7df40e4804828c0fc6cae24bd8a11ed164799b0ec6f5a351f241f10d4b5b26. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b7df40e4804828c0fc6cae24bd8a11ed164799b0ec6f5a351f241f10d4b5b26, en de alinea staat in dat document op bytes 23015 tot 24373.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b7df40e4804828c0fc6cae24bd8a11ed164799b0ec6f5a351f241f10d4b5b26 | shasum -a 256