Citaat | Gerechtshof Den Haag 4 november 2016
Onder 6.4. Gerechtshof Den Haag 4 november 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 4 november 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:3374.
Eveneens faalt de stelling van belanghebbende dat de Inspecteur handelt in strijd met het vertrouwensbeginsel door aan belanghebbende de thans betwiste naheffingsaanslagen op te leggen en te handhaven tot de (nog) in geschil zijnde bedragen aan omzetbelasting. De Rechtbank heeft in punt 4.1.3. van haar uitspraak terecht en op goede gronden beslist als aldaar weergegeven. Belanghebbende heeft -ook in het verdere verloop van de procedure- onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld en, met hetgeen is aangevoerd of gesteld, niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van een dergelijke schending. De Inspecteur heeft daarentegen zijn afwijzende en andersluidende stelling aannemelijk gemaakt, met name gelet op de -het Hof verwijst naar punt 2.3. van de uitspraak van de Rechtbank alsmede punt 2.3. van de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam- bij de vernietiging van de eerder over 1999 opgelegde naheffingsaanslag in de omzetbelasting als voorbehoud op te vatten gemaakte schriftelijke opmerking, en op de na een daartoe ingestelde controle voldoende naar voren gekomen feiten die op zich naheffing in de omzetbelasting rechtvaardigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fdd057a33edf8a7a945520df06d83f42abaac19855d3b4d94b65dc7fdb79346. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fdd057a33edf8a7a945520df06d83f42abaac19855d3b4d94b65dc7fdb79346, en de alinea staat in dat document op bytes 50255 tot 51412.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5fdd057a33edf8a7a945520df06d83f42abaac19855d3b4d94b65dc7fdb79346 | shasum -a 256