Citaat | Gerechtshof Den Haag 1 november 2016
Alinea 47 Gerechtshof Den Haag 1 november 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 1 november 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:3755.
4. De inleidende dagvaarding in eerste aanleg van 45 bladzijden is een opsomming van feiten en incidenten. De vordering in de hoofdzaak in eerste aanleg omvatte 12 punten, nadien heeft appellante de grondslag van haar vordering aangevuld als volgt: geïntimeerde sub 1 dient conform art 7:403 BW informatie te verschaffen en verantwoording af te leggen over de wijze waarop geïntimeerde sub 1 zich van zijn opdracht heeft gekweten, hij is gehouden tot afgifte van stukken en is te kort geschoten in de nakoming danwel heeft zich ongerechtvaardigd verrijkt. Bij conclusie van repliek heeft appellante haar vordering vermeerderd, zij vordert van geïntimeerde sub 1 betaling van een bedrag van € 1.746.424,-. De appeldagvaarding omvat 23 bladzijden. In de dagvaarding zijn de grieven geformuleerd maar is niet in het petitum aangegeven wat exact wordt gevorderd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eeaec35ef40705fb2f31d3a559b5c6fd2caf7a3254d772070c8e0401721eede5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eeaec35ef40705fb2f31d3a559b5c6fd2caf7a3254d772070c8e0401721eede5, en de alinea staat in dat document op bytes 10145 tot 11022.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eeaec35ef40705fb2f31d3a559b5c6fd2caf7a3254d772070c8e0401721eede5 | shasum -a 256