Citaat | Gerechtshof Den Haag 20 januari 2016

Alinea 78 Gerechtshof Den Haag 20 januari 2016

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 20 januari 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:4249.

Als de verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] na enige tijd terugkeren bij de auto, zijn de verdachte en [medeverdachte 2] woedend dat zij geen geld hebben gevonden in de woning van het slachtoffer. De verdachte geeft [medeverdachte 4] een klap in het gezicht. Zij vertellen de medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 4] dat zij het slachtoffer hebben geslagen en vastgebonden. Zij geven aan dat het slachtoffer een oude man bleek te zijn en zeggen de medeverdachte [medeverdachte 1] dat zij moet terugkeren naar de woning om de man los te maken. Niettemin vertrekken zij met de auto om [medeverdachte 1] geld te laten pinnen en hen vervolgens naar het huis van [medeverdachte 2] te brengen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c5e00e3acbf062984d384468ead85ef8d665675f3c20a1f36e18305fccc2688a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c5e00e3acbf062984d384468ead85ef8d665675f3c20a1f36e18305fccc2688a, en de alinea staat in dat document op bytes 26895 tot 27941.