Citaat | Gerechtshof Den Haag 30 augustus 2016
Onder 4.20. Gerechtshof Den Haag 30 augustus 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 30 augustus 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:4306.
Het betoog van Plastica dat Eskra geen belang heeft bij haar vorderingen omdat Eskra niet de eigenaar is van het gebouw waarop de platen zijn aangebracht, moet worden verworpen. Eskra stelt dat zij al in 2009 is aangesproken door haar opdrachtgever [X] Bouwbedrijf B.V. (hierna: [X] ), die op haar beurt is aangesproken door de vereniging van eigenaren van het gebouw. Bij pleidooi heeft zij in dat verband toegelicht dat er een arbitrageprocedure loopt tussen die vereniging en [X] en dat zij in haar relatie met [X] aansprakelijkheid heeft erkend. De betwisting van die stellingen moet als onvoldoende gemotiveerd worden verworpen. Dat Eskra is aangesproken door [X] klinkt zeer aannemelijk in het licht van de ernst van de aantasting van de platen en het feit dat Eskra, althans Eskra Timmerwerken, de werkzaamheden heeft verricht in opdracht van [X] . In het licht daarvan had van Plastica mogen worden verwacht dat zij zou toelichten waarom er reden is tot twijfel aan de stellingen van Eskra op dit punt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6f4205d20ab96eb96796556723a782dace7cc142719cd4b51141222980fabc9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6f4205d20ab96eb96796556723a782dace7cc142719cd4b51141222980fabc9c, en de alinea staat in dat document op bytes 38446 tot 39469.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6f4205d20ab96eb96796556723a782dace7cc142719cd4b51141222980fabc9c | shasum -a 256