Citaat | Gerechtshof Den Haag 8 maart 2016
Onder 5.4 Gerechtshof Den Haag 8 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 8 maart 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:446.
Zoals zojuist al is aangestipt heeft de AFM bij haar onderzoek naar Bijzonder Beheer geen onredelijke praktijken aangetroffen, maar zij heeft blijkens haar rapportage (blz. 4) wel gezien dat banken klanten ‘ onvoldoende informeren over wat de klant te wachten staat bij een bijzonder beheertraject en onvoldoende uitleggen hoe ze rekening houden met het belang van de klant bij het nemen van maatregelen ’. Dit strookt met het in het boek aan Rabobank gemaakte verwijt, dat zij vragen vaak onbeantwoord liet (zie de in rov. 4.2 gegeven voorbeelden). De verwijten, dat Rabobank zich onwelwillend, hard en met weinig oog voor het belang van de klant opstelde, komen overeen met de signalen die AFM had opgevangen en die voor haar aanleiding waren om een onderzoek in te stellen. Gelet op dit een en ander bestond ten tijde van de publicatie van het boek voor de daarin aan Rabobank gemaakte verwijten steun in het toen beschikbare feitenmateriaal. De stelling van Rabobank, dat het boek ‘tendentieus’ is, stuit hierop af.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c774c58712c8c125aeffb0aebb7e40046471745238fa0faedee32093bd633daf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c774c58712c8c125aeffb0aebb7e40046471745238fa0faedee32093bd633daf, en de alinea staat in dat document op bytes 28227 tot 29300.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c774c58712c8c125aeffb0aebb7e40046471745238fa0faedee32093bd633daf | shasum -a 256