Citaat | Gerechtshof Den Haag 8 maart 2016
Onder 1.7. Gerechtshof Den Haag 8 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 8 maart 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:486.
17. Ingevolge artikel 7:408 lid 1 BW kan de opdrachtgever te allen tijde de overeenkomst opzeggen. Voor de gevolgen van die opzegging moet naar het oordeel van het hof aansluiting worden gezocht bij artikel 7:411 BW, waarin is bepaald op welk loon de opdrachtnemer recht heeft in gevallen waarin de overeenkomst eindigt voordat de opdracht is volbracht of de tijd waarvoor zij is verleend is verstreken. Hieraan kan niet afdoen dat, zoals door TIO is aangevoerd, in de overeenkomst niet expliciet is bepaald dat de verschuldigdheid van het cursusgeld afhankelijk is van de volbrenging van de opdracht of van het verstrijken van de tijd waarvoor de opdracht is verleend, voor welke situaties artikel 7:411 BW is geschreven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5a78506e93e9c5479cf51cab329154dc65455f65ff69357387f5a6005926ccb1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5a78506e93e9c5479cf51cab329154dc65455f65ff69357387f5a6005926ccb1, en de alinea staat in dat document op bytes 21296 tot 22032.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5a78506e93e9c5479cf51cab329154dc65455f65ff69357387f5a6005926ccb1 | shasum -a 256