Citaat | Gerechtshof Den Haag 29 maart 2016
Onder 2.16 Gerechtshof Den Haag 29 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 29 maart 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:725.
14. Het hof overweegt dat de aanname van [appellant] in januari 2010 dat hij het door hem in escrow gestorte bedrag van € 240.000,- terug zou krijgen als de deal met [M] niet door zou gaan, in beginsel terecht was. Het bedrag stond immers in escrow, en kon slechts worden vrijgegeven na schriftelijke opdracht daartoe van de stichting derdengelden [naam] . Voor zover [appellant] [geïntimeerde sub 2] op dit punt een verwijt maakt, wordt dit daarom verworpen. De situatie veranderde echter na de overboeking van het geld naar de advocaat van [M] op 20 april 2010, toen de storting in escrow werd omgezet in een aanbetaling van 10% van de overeengekomen koopsom. Uit de verklaring van mr. […] volgt dat deze wijziging met [appellant] is besproken, en dat hij hiermee akkoord was. [appellant] heeft weliswaar betwist dat mr. […] hem op dit punt heeft geadviseerd, maar betwist niet dat hij akkoord is gegaan met de overboeking van het geld vanaf de escrow-rekening naar de bankrekening van de advocaat van [M] . [appellant] erkent dat [P] hem op 13 april 2010 heeft gebeld vanuit Kenia, met de mededeling dat [M] een aanbetaling van € 295.000,- eiste, zodat het bedrag van € 240.000,- dat in escrow stond naar [M] moest worden overgeboekt. [appellant] erkent eveneens dat hij mr. […] vervolgens enkele seconden aan de telefoon heeft gehad, en dat voor hem enkel van belang was dat de financiering rond was. Hij verwijt [geïntimeerde sub 2] dat deze hem niet heeft gewaarschuwd dat dit nog niet het geval was, en dat [appellant] dus een risico liep dat hij het geld niet terug zou krijgen. Het hof verwerpt dit verwijt. Uit zowel de verklaring van mr. […] als uit de eigen stellingen van [appellant] blijkt dat [P] (naar zijn zeggen) ten tijde van het bezoek aan Kenia reeds vergevorderde onderhandelingen voerde met FMO over de financiering van de overname, dat [P] vanuit Kenia contact heeft gehad met (naar op dat moment door iedereen werd aangenomen) FMO over de financiering, en dat FMO volgens [P] hiermee akkoord zou zijn. De aanname van [appellant] dat de financiering rond was, is derhalve gebaseerd op mededelingen van [P] . Het verwijt van [appellant] dat [geïntimeerde sub 2] , na terugkeer in Nederland, geen contact heeft opgenomen met [appellant] om verslag te doen van de gesprekken in Kenia en om de stand van de financiering te bespreken is niet terecht, het hof verwijst naar het verslag van [geïntimeerde sub 2] van 23 april 2010 van besprekingen van (naar het hof uit het verslag begrijpt) eerder die week tussen [appellant] , [P] , [K] en [geïntimeerde sub 2] (productie 37 bij Aantekeningen comparitie van partijen aan de zijde van [appellant] ) waarin onder meer is vermeld: “De financiering door FMO is met een positief advies aan de kredietcommissie verzonden. Mark (hof: [P] ) verwacht dat de centen er voor Koninginnedag kunnen zijn.” Uit dit verslag blijkt dat de stand van zaken rond de financiering toen uitdrukkelijk aan de orde is geweest, en dat het alle aanwezigen – dus ook [appellant] – duidelijk was dat de financiering nog niet volledig rond was. Wel was er het vertrouwen dat dit in orde zou komen, maar dit (achteraf onterechte) vertrouwen was niet gebaseerd op mededelingen van [geïntimeerde sub 2] maar op mededelingen van [P] die de contacten met (naar werd aangenomen) FMO onderhield. Ook grief 3 wordt daarom door het hof verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63db34aaf95a8e7d9089aecb398d07bff05712ad472738bbf46dc77dc43b1f3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63db34aaf95a8e7d9089aecb398d07bff05712ad472738bbf46dc77dc43b1f3a, en de alinea staat in dat document op bytes 30524 tot 33967.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/63db34aaf95a8e7d9089aecb398d07bff05712ad472738bbf46dc77dc43b1f3a | shasum -a 256