Citaat | Gerechtshof Den Haag 23 maart 2016
Onder 7.2. Gerechtshof Den Haag 23 maart 2016
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 23 maart 2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:819.
Voor de toetsing of de gemeentelijke wetgever bij de bepaling van de tarieven van de rioolheffing het voor die heffing geldende winstverbod in acht heeft genomen, gelden wat betreft de verdeling van de stelplicht en de bewijslast dezelfde uitgangspunten als die welke gelden voor de toetsing van de opbrengst van rechten als bedoeld in artikel 229, eerste lid, onder a en b, van de Gemeentewet aan het bepaalde in artikel 229b van de Gemeentewet (vgl. Hoge Raad 23 mei 2014, nr. 13/02955, ECLI:NL:HR:2014:1192). Naar het oordeel van het Hof kan voorts bij de beantwoording van de vragen welke uitgaven van de gemeente dienen te worden aangemerkt als kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan de gemeentelijke waterketen- en watersysteemtaken en welke inkomsten van de gemeente als opbrengsten van de rioolheffing in aanmerking dienen te worden genomen, de invulling die de Hoge Raad aan de in artikel 229b, eerste lid van de Gemeentewet gebruikte begrippen “lasten ter zake” en “baten” heeft gegeven als richtsnoer worden genomen. Dit betekent onder meer dat kosten en opbrengsten die niet of slechts zijdelings verband houden met de gemeentelijke waterketen- en watersysteemtaken bij de toetsing van de rioolheffing aan het winstverbod buiten beschouwing dienen te worden gelaten (vgl. Hoge Raad 31 maart 1999, nr. 33427, ECLI:NL:HR:1999:AA2720).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7b49f86de7bfe0d9855a7bbf3b21f2823dd9d231f59bf8f51407899f2c55c900. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7b49f86de7bfe0d9855a7bbf3b21f2823dd9d231f59bf8f51407899f2c55c900, en de alinea staat in dat document op bytes 37625 tot 38999.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7b49f86de7bfe0d9855a7bbf3b21f2823dd9d231f59bf8f51407899f2c55c900 | shasum -a 256