Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 maart 2017
Alinea 29 Gerechtshof Den Haag 17 maart 2017
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 maart 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1390.
5. [ De Inspecteur] stelt dat de accijns terecht is nageheven van [belanghebbende] op grond van artikel 51, eerste lid, onder b, van de Wet, omdat [belanghebbende] op enige wijze bij het voorhanden hebben van de sigaretten betrokken was. Door de wijziging van de Wet per 1 april 2010 is het, aldus [de Inspecteur], niet van belang of [belanghebbende] de feitelijke beschikkingsmacht had over de sigaretten en of hij wist dat het om onveraccijnsde sigaretten ging.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/add774fda330b379faeeeea1c70b318481a33a497e06d3e9a21682cb1c182051. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt add774fda330b379faeeeea1c70b318481a33a497e06d3e9a21682cb1c182051, en de alinea staat in dat document op bytes 11972 tot 12448.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/add774fda330b379faeeeea1c70b318481a33a497e06d3e9a21682cb1c182051 | shasum -a 256