Citaat | Gerechtshof Den Haag 6 juni 2017

Onder 3.9 Gerechtshof Den Haag 6 juni 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 6 juni 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:1513.

Voor toewijzing van de subsidiaire vorderingen in reconventie ziet het hof geen grond, omdat de Fondsen niet hebben onderbouwd welke relevante feitelijkheden nog moeten worden onderzocht. De Fondsen hebben in deze procedure de door Unis TS gestelde aard en omvang van de door haar verrichte werkzaamheden immers niet, dan wel onvoldoende gemotiveerd bestreden, waardoor deze thans tussen partijen vaststaan. Gelet op het oordeel van het hof dat, voor de beantwoording van de vraag of Unis TS/Unis EMR vallen onder de werkingssfeerbepalingen van de door de Fondsen uitgevoerde regelingen, de analyse- en testwerkzaamheden los moeten worden beschouwd van de feitelijke reparatiewerkzaamheden, valt zonder nadere toelichting – die ontbreekt – niet in te zien welk belang de Fondsen hebben bij een nader onderzoek naar de werkzaamheden binnen het bedrijf van Unis TS/Unis EMR.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/90fca0b29b6efeb532dffa828aa7312f0308927ec9d6b2c00b4e1f3c46e1a113. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 90fca0b29b6efeb532dffa828aa7312f0308927ec9d6b2c00b4e1f3c46e1a113, en de alinea staat in dat document op bytes 29473 tot 30364.