Citaat | Gerechtshof Den Haag 18 juli 2017
Onder 12.2 Gerechtshof Den Haag 18 juli 2017
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 18 juli 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2009.
Uitgangspunt bij de beoordeling is dat Ecuador zich heeft onderworpen aan het BIT en de daarin opgenomen bepalingen omtrent de arbitrage, waaronder de UAR. Art. 26 van de UAR geeft het Scheidsgerecht de bevoegdheid om voorlopige voorzieningen te treffen die verband houden met de hoofdzaak. Art. 32 lid 2 van de UAR en art. VI lid 6 van het BIT bepalen dat elk arbitraal vonnis partijen bindt en zo snel mogelijk moet worden uitgevoerd. Door toe te stemmen in de arbitrage en de daarop van toepassing zijnde bepalingen heeft Ecuador de rechtsmacht van het Scheidsgerecht aanvaard en heeft zij onderschreven dat zij zonder uitstel de door het Scheidsgerecht getroffen voorzieningen zal uitvoeren en de maatregelen zal treffen die in haar machtssfeer liggen voor de handhaving daarvan. Dat brengt mee dat Ecuador zich er niet over kan beklagen dat de door het Scheidsgerecht opgelegde maatregelen haar onafhankelijkheid en soevereiniteit schenden zolang het Scheidsgerecht beslissingen neemt die op grond van de toepasselijke regelingen binnen zijn bevoegdheid vallen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b88fd16b144256258453fc5f9c86572aa635c0cbb173dcdb4a2c037b15e98111. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b88fd16b144256258453fc5f9c86572aa635c0cbb173dcdb4a2c037b15e98111, en de alinea staat in dat document op bytes 54780 tot 55860.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b88fd16b144256258453fc5f9c86572aa635c0cbb173dcdb4a2c037b15e98111 | shasum -a 256