Citaat | Gerechtshof Den Haag 30 mei 2017

Alinea 89 Gerechtshof Den Haag 30 mei 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 30 mei 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2326.

11. De raad verweert zich en voert daartoe – beknopt weergegeven – het volgende aan. De raad ontving meldingen van de gemeente, waaruit bleek dat er bij de gemeente zorgen bestonden over de cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van de minderjarige kinderen van appellanten. De beslissing van de raad om de onderzoeken te starten was een juiste beslissing. Immers, indien kinderen mogelijk zodanig opgroeien dat zij ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd, dienen kinderbeschermingsmaatregelen te worden overwogen (artikel 1:255 BW). In die gevallen heeft de raad de taak zich op de hoogte te stellen (artikel 1: 242 BW). In het geval van de kinderen van appellanten sub 1 en sub 2 is de combinatie van het niet naar school gaan en het weigeren van een gesprek daarover met de gemeente door de ouders, voor de raad reden geweest te concluderen dat de kinderen mogelijk ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd. Er is dan namelijk onder meer geen zicht op de vraag of de kinderen voldoende onderwijs krijgen en of zij voldoende contact hebben met leeftijdsgenoten, terwijl juist voldoende onderwijs en sociale contacten met leeftijdgenoten van cruciaal belang zijn voor de ontwikkeling van een kind.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/841a2d41bb2e81c157c6c6111de06d3a009408a45d214b7ca9cb4902f02cfb82. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 841a2d41bb2e81c157c6c6111de06d3a009408a45d214b7ca9cb4902f02cfb82, en de alinea staat in dat document op bytes 24114 tot 25344.