Citaat | Gerechtshof Den Haag 14 februari 2017

Alinea 63 Gerechtshof Den Haag 14 februari 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 14 februari 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:247.

30. De conclusie is dat als vaststaand wordt aangenomen dat [appellante] als passagier in de Nissan zat toen deze werd aangereden door de Mazda. Voor de vordering van [appellante] tot verwijzing naar de schadestaat betekent dat het volgende. Allianz c.s. heeft zowel de schade als het causaal verband tussen de schade en het ongeval betwist. Voor verwijzing naar de schadestaat is (noodzakelijk maar ook) voldoende dat aannemelijk is dat er schade is geleden als gevolg van de aanrijding. Naar het oordeel van het hof is op grond van de overgelegde stukken voldoende aannemelijk dat [appellante] schade heeft geleden als gevolg van de aanrijding. Dit volgt uit de huisartsenkaart, de rapportage van de verzekeringsarts van 20 februari 2002, de brieven van het UWV van 1 maart 2002 en van 27 juni 2002, en de verklaring van de FARR van 25 juli 2006. De verweren van Allianz tegen de schade en het causaal verband tussen de aanrijding en de schade kunnen voor het overige aan de orde komen in de schadestaatprocedure. Ook de gevorderde wettelijke rente kan in de schadestaatprocedure worden beoordeeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3e4f5b0658a18ea0f872e9477905058b4a3da0425ffe2c9a74824b3bfefbdeb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3e4f5b0658a18ea0f872e9477905058b4a3da0425ffe2c9a74824b3bfefbdeb, en de alinea staat in dat document op bytes 35788 tot 36902.