Citaat | Gerechtshof Den Haag 6 oktober 2017
Onder 7.1.3 Gerechtshof Den Haag 6 oktober 2017
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 6 oktober 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2855.
2. De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat hij naar Syrië wilde en dat hij de medeverdachte [medeverdachte 1] heeft gevraagd of hij wilde meedenken en meehelpen. [Medeverdachte 1] zegt in een chatgesprek van 12 oktober 2014 dat hij naar Jabhat al-Nusra gaat. [Medeverdachte 1] heeft voorts verklaard dat hij in Syrië, in Kafr Hamra, is geweest en in december 2013 in Nederland is teruggekeerd. Hij heeft tevens verklaard dat de verdachte hem heeft gevraagd om hem te helpen bij de reis naar Syrië en om hem in contact te brengen met iemand die zich daar bevindt. Naar aanleiding van dat verzoek heeft [medeverdachte 1] contact gehad met [betrokkene 1] en met andere mensen. [Betrokkene 1] woonde in een dorpje in een gebied dat in handen was van Jabhat al-Nusra. De verdachte heeft bij de rechter-commissaris verklaard dat “het wel een gebied kon zijn dat in handen was van Jabhat al-Nusra”. Zowel de verdachte als [medeverdachte 1] spraken versluierd over hun uitreisplannen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2fe0b992778ffbaf1088f23f20d724106ba560c2114fc70bd151ac6a6b8534a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2fe0b992778ffbaf1088f23f20d724106ba560c2114fc70bd151ac6a6b8534a1, en de alinea staat in dat document op bytes 36129 tot 37601.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2fe0b992778ffbaf1088f23f20d724106ba560c2114fc70bd151ac6a6b8534a1 | shasum -a 256