Citaat | Gerechtshof Den Haag 6 oktober 2017

Onder 13 Gerechtshof Den Haag 6 oktober 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 6 oktober 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:2855.

Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 21 (eenentwintig) maanden , niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 3 (drie) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 3 (drie) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2fe0b992778ffbaf1088f23f20d724106ba560c2114fc70bd151ac6a6b8534a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2fe0b992778ffbaf1088f23f20d724106ba560c2114fc70bd151ac6a6b8534a1, en de alinea staat in dat document op bytes 77785 tot 78745.