Citaat | Gerechtshof Den Haag 31 oktober 2017

Alinea 34 Gerechtshof Den Haag 31 oktober 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 31 oktober 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:3011.

5. Het hof stelt het volgende voorop. Artikel 35 Wbp geeft de betrokkene het recht vrijelijk een verzoek te doen aan bedrijven of instanties om hem mede te delen of hem betreffende persoonsgegevens worden verwerkt. Indien inderdaad persoonsgegevens van hem worden verwerkt, moet de mededeling daarvan een volledig overzicht van die persoonsgegevens in begrijpelijke vorm bevatten en voorts een omschrijving van het doel of de doeleinden van de verwerking, de categorieën van gegevens waarop de verwerking betrekking heeft en de ontvangers of categorieën van ontvangers, alsmede de beschikbare informatie over de herkomst van de gegevens. Indien de betrokkene meent dat zijn persoonsgegevens onjuist, onvolledig, niet ter zake dienend of in strijd met een wettelijk voorschrift zijn verwerkt, kan hij op de voet van artikel 36 Wbp verbetering, aanvulling, verwijdering of afscherming van deze gegevens verzoeken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/669e7fa91f1e91cfc32959dc90eba2ecc89128e5af31f13ff2629c69d3ebbcaa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 669e7fa91f1e91cfc32959dc90eba2ecc89128e5af31f13ff2629c69d3ebbcaa, en de alinea staat in dat document op bytes 12276 tot 13203.