Citaat | Gerechtshof Den Haag 31 oktober 2017

Alinea 188 Gerechtshof Den Haag 31 oktober 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 31 oktober 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:3070.

41. Het bovenstaande betekent dat het vonnis van de voorzieningenrechter moet worden vernietigd en dat de vorderingen van geïntimeerden moeten worden afgewezen. Geïntimeerden hebben zich niet afzonderlijk verzet tegen de vordering van de Staat die ertoe strekt dat aan hem wordt terugbetaald wat op grond van het bestreden vonnis is voldaan, zodat die vordering zal worden toegewezen. Geïntimeerden moeten als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het geding. Het incidenteel appel is onnodig ingesteld, omdat de devolutieve werking van het appel meebrengt dat de in het incidenteel appel aangesneden onderwerpen bij het slagen van de grieven in het principaal appel toch aan de orde hadden moeten komen, zodat daarvoor geen kostenveroordeling zal worden uitgesproken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c4e5ff0ed2b501f7a1a259c2eb1249cd32ce2d12a2d2d5bc4071be8d9b0a971b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c4e5ff0ed2b501f7a1a259c2eb1249cd32ce2d12a2d2d5bc4071be8d9b0a971b, en de alinea staat in dat document op bytes 69809 tot 70626.