Citaat | Gerechtshof Den Haag 29 augustus 2017
Onder 1.26 Gerechtshof Den Haag 29 augustus 2017
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 29 augustus 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:3231.
12. Voor zover het hof begrijpt, heeft [appellant] niet gesteld dat het indienen bij het EHRM van een klacht en/of vervolgens van een tegen de Staat gerichte vordering tot vergoeding van schade moet worden gezien als het instellen van een eis als bedoeld in artikel 3:316 lid 1 BW. Voor zover dit echter wel moet worden ingelezen in de stellingen van [appellant], geldt eveneens dat de vordering tot schadevergoeding is verjaard, omdat niet binnen 6 maanden na het in kracht van gewijsde gaan van de uitspraak van het EHRM, waarbij de eis tot schadevergoeding door het EHRM grotendeels werd afgewezen, een nieuwe eis bij de civiele rechter is ingesteld. Tegen dit oordeel van de rechtbank is geen grief gericht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c0bcb90ef58bbf7a2ebb5548685fd6627bcbe7c2b32ec57ac373359174957eed. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c0bcb90ef58bbf7a2ebb5548685fd6627bcbe7c2b32ec57ac373359174957eed, en de alinea staat in dat document op bytes 55680 tot 56405.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c0bcb90ef58bbf7a2ebb5548685fd6627bcbe7c2b32ec57ac373359174957eed | shasum -a 256