Citaat | Gerechtshof Den Haag 7 november 2017

Onder 7.1. Gerechtshof Den Haag 7 november 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 7 november 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:3256.

In artikel 16, eerste lid, van de Awr is, voor zover hier van belang, bepaald dat, indien enig feit grond oplevert voor het vermoeden dat een aanslag ten onrechte achterwege is gelaten of tot een te laag bedrag is vastgesteld, de inspecteur de te weinig geheven belasting kan navorderen, met dien verstande dat een feit dat de inspecteur bekend was of redelijkerwijs bekend had kunnen zijn, geen grond voor navordering kan opleveren (het nieuwfeitvereiste). Naar volgt uit het slot van de tweede volzin van artikel 16, eerste lid, van de Awr staat het ontbreken van een nieuw feit niet aan navordering in de weg indien de belastingplichtige ter zake van dit feit te kwader trouw is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e408a68c8998bdfcdf3a6886854bb6810c0d349c3d7ba34d8e0c8cda54fd4f3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e408a68c8998bdfcdf3a6886854bb6810c0d349c3d7ba34d8e0c8cda54fd4f3a, en de alinea staat in dat document op bytes 38760 tot 39456.