Citaat | Gerechtshof Den Haag 12 december 2017
Alinea 37 Gerechtshof Den Haag 12 december 2017
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 12 december 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:3598.
5. In het tussenvonnis van 11 september 2014 heeft de kantonrechter VU veroordeeld om een afschrift te verstrekken van ‘het rapport van [R]’. In rechtsoverweging 2.11 van het vonnis overweegt de kantonrechter het navolgende: “Resteert een niet onbelangrijk punt, namelijk wat indien het rapport niet bestaat, zoals door VU aangevoerd? Voor het geval VU dat standpunt handhaaft wordt partijen in overweging gegeven een modus te vinden waarbinnen [geïntimeerde] de gelegenheid wordt geboden zich hiervan te vergewissen.” Het rapport van [R] is door VU niet verstrekt; VU heeft haar standpunt gehandhaafd dat het rapport niet bestaat. Wel heeft VU een aantal (gecensureerde) sheets overgelegd die door [R] op 1 februari 2012 zijn gebruikt bij een door hem gehouden presentatie aan de door VU opgerichte “Stuurgroep”.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40d39321699b06cb51b0fde0ce1601c37d4c85949a1c3a38d0b599f4bf037195. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40d39321699b06cb51b0fde0ce1601c37d4c85949a1c3a38d0b599f4bf037195, en de alinea staat in dat document op bytes 11955 tot 12830.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/40d39321699b06cb51b0fde0ce1601c37d4c85949a1c3a38d0b599f4bf037195 | shasum -a 256