Citaat | Gerechtshof Den Haag 7 maart 2017

Alinea 196 Gerechtshof Den Haag 7 maart 2017

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 7 maart 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:544.

Op een gegeven moment kwam de man uit de tuin. Hij rookte een sigaretje. Toen zijn we gelijk op hem afgelopen. Wat er gebeurde klopt helemaal met het verhaal wat ik eerder heb verteld. [F.] heeft gestoken. [F.] ging de man slaan en toen begon de man te bloeden. [F.] droeg ook handschoenen. Toen we trouwens bij het communicatiecentrum stonden heeft [F.] nog een pilletje genomen. (…) [F.] heeft een scheermes gebruikt. Ik weet dat aan de manier waarop die man aan het bloeden was. Maar [F.] heeft het ook in de auto verteld. Ik heb het mes niet gezien. (…) We zijn gaan rennen. Ik moest kokhalzen. (…) [F.] zei tegen die Antilliaan dat hij ons naar Rotterdam moest brengen. (…) We kwamen binnen en [F.] zei dat we voor [verdachte] kwamen. Het drinken werd al geregeld voor ons. Het was gratis. Na ruim twintig minuten kwamen [verdachte] en de blonde jongen binnen. [verdachte] zei dat hij ook net in Scheveningen was geweest. Ik moest vervolgens mijn broek en handen laten zien. Hier zat bloed op. (…) Rond half twee zijn we naar Rotterdam Centraal gegaan.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2c2b3df1f8db0bc29d4f86818e6da2de7f4ed5e828cfb0856aa880ee439b6bce. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2c2b3df1f8db0bc29d4f86818e6da2de7f4ed5e828cfb0856aa880ee439b6bce, en de alinea staat in dat document op bytes 61217 tot 62438.