Citaat | Gerechtshof Den Haag 10 maart 2017
Onder 10.4.4 Gerechtshof Den Haag 10 maart 2017
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 10 maart 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:642.
3. Het hof overweegt dat de verdachte het bewezen verklaarde feit onder 1 heeft gepleegd, teneinde de als gevolg hiervan onterecht ontvangen gelden van de Belastingdienst (gedeeltelijk) aan te wenden ten behoeve van zijn broer die als Jihadstrijder in Syrië verblijft. Het hof acht bewezen dat de verdachte opzettelijk in de zin van ‘voorwaardelijk opzet’ heeft gehandeld. Samengevat houdt dit in dat met het verstrekken van geldelijke steun aan een persoon wiens betrokkenheid bij terrorisme bij de verdachte bekend is, in dit geval zijn broer, de verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat deze gelden worden aangewend voor het plegen van terroristische misdrijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eabeead9cce9f4831821e0a3ef3bb97f89d673173aa4c132cfa75478676ef40e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eabeead9cce9f4831821e0a3ef3bb97f89d673173aa4c132cfa75478676ef40e, en de alinea staat in dat document op bytes 134874 tot 135576.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eabeead9cce9f4831821e0a3ef3bb97f89d673173aa4c132cfa75478676ef40e | shasum -a 256