Citaat | Gerechtshof Den Haag 13 februari 2018
Alinea 91 Gerechtshof Den Haag 13 februari 2018
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 13 februari 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:172.
- veroordeelt de Staat in de kosten van het geding in beide instanties, tot heden in eerste aanleg begroot op € 707,19 voor verschotten en € 904,-- voor salaris van de advocaat, en in hoger beroep op € 795,81 voor verschotten en € 2.682,-- voor salaris van de advocaat en op € 131,- aan nasalaris voor de advocaat, nog te verhogen met € 68,- indien niet binnen veertien dagen na aanschrijving in der minne aan dit arrest is voldaan en vervolgens betekening van dit arrest heeft plaatsgevonden, en bepaalt dat deze bedragen binnen 14 dagen na de dag van de uitspraak dan wel, wat betreft het bedrag van € 68,--, na de datum van betekening, moeten zijn voldaan, bij gebreke waarvan deze bedragen worden vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf het einde van genoemde termijn van 14 dagen;
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8a090fbeb04177b5b886b420de88145b843aa02334e17f90ec6081dbb46204e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8a090fbeb04177b5b886b420de88145b843aa02334e17f90ec6081dbb46204e, en de alinea staat in dat document op bytes 35761 tot 36687.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e8a090fbeb04177b5b886b420de88145b843aa02334e17f90ec6081dbb46204e | shasum -a 256