Citaat | Gerechtshof Den Haag 11 juli 2018

Onder 6.4. Gerechtshof Den Haag 11 juli 2018

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 11 juli 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:1747.

Bij gebreken in een aangifte kan slechts dan worden aangenomen dat de vereiste aangifte niet is gedaan, indien aan de hand van de normale regels van stelplicht en bewijslast is vastgesteld dat sprake is van één of meer gebreken die ertoe leiden dat de volgens de aangifte verschuldigde belasting verhoudingsgewijs aanzienlijk lager is dan de werkelijk verschuldigde belasting. Tevens is vereist dat het bedrag van de belasting dat als gevolg van de hiervoor bedoelde gebreken in de aangifte niet zou zijn geheven, op zichzelf beschouwd aanzienlijk is. Inhoudelijke gebreken in de aangifte worden slechts in aanmerking genomen indien de belastingplichtige ten tijde van het doen van aangifte wist of zich ervan bewust moest zijn dat daardoor een aanzienlijk bedrag aan belasting niet zou worden geheven (zie HR 30 oktober 2009, nr. 07/10513, ECLI:NL:HR:2009:BH1083, BNB 2010/47). Het Hof is van oordeel dat belanghebbende voor het jaar 2013 niet de vereiste aangifte heeft gedaan. Daarbij neemt het Hof het volgende in aanmerking.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe1799ca4f5bc8e57a6ca3adbecbba2d2d8a4acf03f10a617a7d45840e68ace5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe1799ca4f5bc8e57a6ca3adbecbba2d2d8a4acf03f10a617a7d45840e68ace5, en de alinea staat in dat document op bytes 25550 tot 26594.