Citaat | Gerechtshof Den Haag 23 januari 2018

Alinea 39 Gerechtshof Den Haag 23 januari 2018

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 23 januari 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:22.

15. De kantonrechter heeft de op grond van de BP aan [appellant 1] toekomende schadevergoeding begroot op een bedrag van € 3.635,=, waarmee hij het advies van de deskundige heeft gevolgd. De deskundige heeft de nadelen die het gevolg zijn van het moeten gedogen van de aanleg van het werk door Tennet op genoemd bedrag begroot voor de periode van zeven weken waarin de gehele strook door Tennet voor de aanlegwerkzaamheden zou worden gebruikt; schade als gevolg van het moeten gedogen van de instandhouding van het werk zal volgens de deskundige alleen optreden bij eventuele toekomstige calamiteiten en laat hij daarom bij de schadebegroting buiten beschouwing. Nu de schade als gevolg van de aanleg van het werk in feite wordt geleden naar mate dat werk in de loop van de periode van zeven weken vordert, kan het ervoor worden gehouden dat de schade in deze periode per dag wordt geleden tot aan het einde van de periode het door de deskundige begrote totaalbedrag van € 3.635,= is bereikt. Het hof acht het dan redelijk het moment van opeisbaarheid van de vordering tot vergoeding van schade te stellen op het midden van de periode van zeven weken. De deskundige heeft het begin van die periode gesteld op 21 oktober 2012, wat Tennet niet dan wel onvoldoende heeft bestreden. Het midden van de, op deze datum beginnende, periode van zeven weken is dan 14 november 2012. De rentevordering zal vanaf deze datum worden toegewezen. De grief treft in zoverre doel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5ecbad1288120ed0c78b39a96aa694a1b46e335083dc22ad31a698e19f5636e3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5ecbad1288120ed0c78b39a96aa694a1b46e335083dc22ad31a698e19f5636e3, en de alinea staat in dat document op bytes 31403 tot 32907.