Citaat | Gerechtshof Den Haag 21 december 2018
Onder 2.8. Gerechtshof Den Haag 21 december 2018
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 21 december 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:3676.
11. Bij de beoordeling van de vraag of er sprake is van een dringende reden voor een ontslag op staande voet als bedoeld in de artikelen 7:677 en 7:678 BW stelt het hof het volgende voorop. Het ontslag op staande voet is een ultimum remedium, dat, gelet op de verstrekkende gevolgen ervan, slechts bij uitzondering mag worden gegeven. Op grond van artikel 7:678 lid 1 BW worden als dringende redenen in de zin van lid 1 van artikel 7:677 BW beschouwd zodanige daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer, die ten gevolg hebben dat van de werkgever redelijkerwijs niet verlangd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Bij de beoordeling van de vraag óf van zodanige dringende reden sprake is, moeten alle omstandigheden van het geval, in onderling verband en samenhang, in aanmerking worden genomen. Verder rust op Securitas als werkgever de stelplicht en bewijslast van het bestaan en de dringendheid van de ontslagreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b84328ea593b3fa3f3763ec799a028313c90e832d83cdb4ebbcc9c539a9b437e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b84328ea593b3fa3f3763ec799a028313c90e832d83cdb4ebbcc9c539a9b437e, en de alinea staat in dat document op bytes 20972 tot 21932.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b84328ea593b3fa3f3763ec799a028313c90e832d83cdb4ebbcc9c539a9b437e | shasum -a 256