Citaat | Gerechtshof Den Haag 3 april 2018

Onder 3 Gerechtshof Den Haag 3 april 2018

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 3 april 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:570.

veroordeelt de fondsen in de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van [appellant] tot op heden begroot op € 716,-- aan griffierecht, € 79,81 aan kosten exploot en € 1.158,-- aan salaris advocaat (tarief III, 1 punt) en op € 131,- aan nasalaris voor de advocaat, nog te verhogen met € 68,- indien niet binnen veertien dagen na aanschrijving in der minne aan dit arrest is voldaan en vervolgens betekening van dit arrest heeft plaatsgevonden, en bepaalt dat deze bedragen binnen 14 dagen na de dag van de uitspraak dan wel, wat betreft het bedrag van € 68,--, na de datum van betekening, moeten zijn voldaan, bij gebreke waarvan deze bedragen worden vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf het einde van genoemde termijn van 14 dagen;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4cc3f5ad3416da21821b4c7b01a26d2c6bf57b03c22033ce8d912659ce1dbc6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4cc3f5ad3416da21821b4c7b01a26d2c6bf57b03c22033ce8d912659ce1dbc6, en de alinea staat in dat document op bytes 15475 tot 16295.