Citaat | Gerechtshof Den Haag 23 februari 2018
Alinea 29 Gerechtshof Den Haag 23 februari 2018
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 23 februari 2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:645.
7. [ Belanghebbende] stelt voorts dat de jurisprudentie inzake artikel 110 van het VWEU meebrengt dat zij voor wat betreft de CO2-uitstoot mag uitgaan van de laagste CO2-uitstoot van soortgelijke, reeds in Nederland geregistreerde voertuigen, dan wel dat in ieder geval niet van een hogere CO2-uitstoot mag worden uitgegaan dan de CO2-uitstoot van soortgelijke, reeds in Nederland geregistreerde voertuigen. Naar het oordeel van de rechtbank snijdt dit betoog geen hout. Ingevolge de bedoelde jurisprudentie mag de Bpm bij invoer niet hoger zijn dan het laagste restbedrag aan Bpm dat is vervat in waarde van gelijksoortige, reeds in Nederland geregistreerde voertuigen (HvJ EU 19 december 2013, C-437/12, ECLI:NL:XX2013:178). Daaruit volgt niet dat bij de berekening van de Bpm niet mag worden uitgegaan van een hogere CO2-uitstoot dan de CO2-uitstoot van soortgelijke, reeds in Nederland geregistreerde voertuigen. De CO2-uitstoot is een kenmerk van de auto en is daarom een vaststaand gegeven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e08c70302e751273864547e9168a4d95e6736d13c15637688e4d741e84a6603. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e08c70302e751273864547e9168a4d95e6736d13c15637688e4d741e84a6603, en de alinea staat in dat document op bytes 10902 tot 11911.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4e08c70302e751273864547e9168a4d95e6736d13c15637688e4d741e84a6603 | shasum -a 256