Citaat | Gerechtshof Den Haag 3 september 2019

Alinea 53 Gerechtshof Den Haag 3 september 2019

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 3 september 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:2287.

26. Naar het oordeel van het hof heeft [appellant] c.s. een rechtmatig belang in de zin van artikel 843a lid 1 Rv. [appellant] c.s. heeft tijdens het pleidooi in eerste aanleg gemotiveerd gesteld dat er op de beelden meer te zien is dan beschreven in het rapport van de Rijksrecherche. De enkele stelling van de Politie dat de camerabeelden niets toevoegen, faalt bij gebrek aan onderbouwing. Met de stelling dat het gedrag van [appellant] niet ter discussie staat en daarvan geen bewijs nodig is, miskent de Politie dat [appellant] c.s. met de beelden zijn stelling wil onderbouwen dat de situatie en de gesteldheid van [appellant] ten tijde van het incident dusdanig waren dat de Politie eerder had moeten ingrijpen. De stelling van de Politie over het toetsingskader van de Wpg faalt op de gronden als overwogen in rovv. 18-19. Het gestelde risico dat het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden na aanschouwing van de camerabeelden een mede door emotie bepaalde beslissing neemt, is niet onderbouwd. Het door de Politie genoemde bezwaar dat verstrekking van een kopie van de beelden aan [appellant] c.s. ertoe kan leiden dat de beelden “een eigen leven gaan leiden” kan worden ondervangen door geen afgifte van de beelden te bevelen, maar te bepalen dat de Politie de beelden tijdens een zitting in de bodemprocedure moet (laten) vertonen. Op die wijze heeft de Politie ook een voldoende ruime tijdspanne om de beelden desgewenst te anonimiseren en te bewerken om te zorgen dat het beeld niet doorloopt terwijl de tijd stilstaat, er geen herhaling van dezelfde beelden is en de chronologie zoveel mogelijk kloppend wordt gemaakt. De (eerstvolgende) zitting vindt immers pas plaats op 19 mei 2020. Aldus wordt naar het oordeel van het hof recht gedaan aan de belangen van beide partijen. [appellant] c.s. heeft tijdens de comparitie in het onderhavige beroep overigens ook verklaard te kunnen instemmen met deze wijze van “verstrekking”. Het hof zal met toepassing van artikel 843a lid 2 Rv de vordering in die zin toewijzen. Om geschillen over de bewerking van het beeldmateriaal te voorkomen, zal het hof bepalen dat de Politie de camerabeelden zoals die nu op de dvd staan, dus ongeanonimiseerd en onbewerkt, moet tonen tijdens de zitting in de bodemprocedure, indien en voor zover de rechter in de bodemprocedure dat toestaat. Desgewenst kan de Politie aanbieden om daarnaast of in plaats daarvan een geanonimiseerde en/of bewerkte versie te laten zien. Het is aan de rechter in de bodemprocedure om te bepalen of de beelden daadwerkelijk worden getoond en, zo ja, in welke versie(s).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cccd0f4fc54941514ebc48cf5823422c34132d8f65f70a6043f12bb6a464323b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cccd0f4fc54941514ebc48cf5823422c34132d8f65f70a6043f12bb6a464323b, en de alinea staat in dat document op bytes 26075 tot 28756.