Citaat | Gerechtshof Den Haag 17 december 2019

Onder 2.8 Gerechtshof Den Haag 17 december 2019

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 17 december 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:3421.

Voorop moet worden gesteld dat zich hier niet het geval voordoet dat [appellant] tijdens zijn detentie in India is gefolterd in de zin van art. 1 lid 1 van het Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing van New York, 10 december 1984 (Trb. 1986, 69) of dat de Staat er rekening mee diende te houden dat hij gefolterd zou worden. De stelling van [appellant] is dat hij tijdens zijn detentie het slachtoffer is geworden van wrede, onmenselijke en vernederende behandeling, niet dat hij is gefolterd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f787ecb9f5c231ea60d01988132bb21f0af6e3cbd4166747b4474fe9b8513832. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f787ecb9f5c231ea60d01988132bb21f0af6e3cbd4166747b4474fe9b8513832, en de alinea staat in dat document op bytes 18203 tot 18765.