Citaat | Gerechtshof Den Haag 19 juni 2020

Onder 4.3. Gerechtshof Den Haag 19 juni 2020

Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 19 juni 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:1208.

14. Het bezwaarschrift is ontvangen door [de Ontvanger] op 6 juli 2017. De uitspraak van de rechtbank wordt op 5 november 2019 gedaan en dus afgerond twee jaar en vier maanden na indiening van het bezwaarschrift. De redelijke termijn die staat voor de behandeling van bezwaar en beroep is als uitgangspunt zes maanden voor bezwaar en achttien maanden voor beroep. De rechtbank ziet geen aanleiding om van dit uitgangpunt af te wijken. De overschrijding van de redelijke termijn bedraagt dan vier maanden zodat [belanghebbende] recht heeft op een vergoeding van immateriële schade van € 500. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van samenhang tussen de onderhavige zaken. De zaken zijn niet alleen gezamenlijk behandeld, maar hebben ook betrekking op hetzelfde onderwerp, namelijk de aansprakelijkstelling van [belanghebbende] voor de onbetaald gebleven naheffingsaanslagen loonheffingen. Voor de twee zaken wordt voor de overschrijding dan ook eenmaal het tarief van € 500 gehanteerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b65a67f36df04d4e1c80cfd8f1809946b2670691d78b1abf5bc9b9daae1e32ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b65a67f36df04d4e1c80cfd8f1809946b2670691d78b1abf5bc9b9daae1e32ab, en de alinea staat in dat document op bytes 18955 tot 19964.