Citaat | Gerechtshof Den Haag 14 augustus 2020
Alinea 52 Gerechtshof Den Haag 14 augustus 2020
Een alinea uit Gerechtshof Den Haag 14 augustus 2020, ECLI:NL:GHDHA:2020:1539.
24. In de toewijzing van het verzoek om vergoeding van immateriële schade vindt de rechtbank aanleiding [de Inspecteur] te veroordelen tot betaling van een tegemoetkoming in de kosten, die [belanghebbende] in verband met de behandeling van de beroepen redelijkerwijs heeft moeten maken. De rechtbank ziet geen gronden voor een veroordeling in de werkelijke proceskosten, ook niet op grond van het Unierecht. Een hogere vergoeding dan een forfaitaire vergoeding is evenmin geboden door de omstandigheid dat de redelijke termijn is overschreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6ebec5507c31494fc5b27cf0b46d7ccdb16d7c50a9d3a7392014a19f496afd41. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6ebec5507c31494fc5b27cf0b46d7ccdb16d7c50a9d3a7392014a19f496afd41, en de alinea staat in dat document op bytes 25373 tot 25930.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6ebec5507c31494fc5b27cf0b46d7ccdb16d7c50a9d3a7392014a19f496afd41 | shasum -a 256